Gedachtenis Marcel van Der Maelen

 

 

 

 

Beste Lucienne, Dirk, Marc, familie, vrienden

 

 

         De dood, hij komt als een dief in de nacht. We kennen allemaal dat gezegde en toch slagen we erin om het steeds te vergeten. Om er niet aan te denken. Het zal wel te maken hebben met onze overlevingsdrang, met het feit dat een mens niet continu in angst of verdriet kan leven, op zoek gaat naar goede momenten. Een oplossing zoekt. Zo ook nu. Nu plots en totaal onverwacht die dief, de dood is gekomen. Marcel heeft meegenomen. Een schok die we ons nog niet realiseren. Liefde is een werkwoord zegt men. Verdriet ook.

Nu we hier allen samen zijn gaan we werken. Gaan we de liefde voor Marcel en ons verdriet samen leggen en zo een stukje genezen van de wonde die ons is toegebracht. Je man, vrouw, moeder, vader of gelijk welke geliefde verliezen slaat altijd wonden, wonden die levenslang littekens achterlaten. En daarom gaan we op zoek naar genezing. Kijken we om naar het verleden om zo in de toekomst te kunnen leven, overleven. Zoeken we mooie herinneringen, genieten van die mooie herinneringen.

En wat herinneren we ons van Marcel? Dat zal natuurlijk voor elk van ons anders zijn, maar dat het voor iedereen onder ons goede en warme herinneringen zullen zijn, daar ben ik heilig van overtuigd.

Lucienne, Dirk, Marc, sta me dan toe om in deze momenten van afscheid toch even achterom te kijken en te denken aan vroeger, aan al wat hij voor ons, voor mij heeft betekent. Het zijn natuurlijk kleine persoonlijke belevenissen maar zo herkenbaar en zo typerend voor Marcel dat ik ze toch even voor jullie hier allemaal wil opsommen.

Ik hang ze op aan vier kapstokken: werklust, water, sociale bewogenheid, William

Vooreerst werklust. En daarvoor grijp ik terug naar wat mijn moeder, ons Celeste me heel lang geleden, toen ik nog een tiener was, me vertelde en dat me altijd is bij gebleven. Ze vertelde zo fier over hoe Lucienne haren Marcel leerde kennen. Het was ergens kort na of tijdens de oorlog toen hij zoiets als rantsoenbonnen moest uitdelen. Mijn moeder  was daar zo blij en fier over want het betekende dat Marcel een bekwaam, zorgvuldig, belangrijk man was die van aanpakken wist, die wist wat werken was en dus goed voor Lucienne en zijn gezin zou kunnen zorgen.

 Die grote werklust leerde ik natuurlijk ook kennen op de waterleiding. Het tweede punt. Dat de waterleiding bijna een familiebedrijf was geworden is natuurlijk schromelijk overdreven. Maar het was toch niet mis om met zeven in totaal daar te werken. Ja zeven, tel maar. Het is dus echt dank zij Marcel en ook Hilda, dat ook ik op de waterleiding ben kunnen beginnen werken en dat 40 jaar lang. Zij hadden immers gezien dat ze er scheikundige ingenieurs nodig hadden voor hun laboratorium en dat er een ingangsexamen was uitgeschreven. Natuurlijk moest ik het nodige diploma hebben en slagen, maar zonder de inlichtingen van Hilda en Marcel  had ik het niet geweten, dus niet kunnen meedoen enz.

Het werk op de waterleiding, Marcel, hij deed het met hart en ziel. Werkte en studeerde en klom omhoog op de ladder, maakte carrière zoals dat heet. De mensen van de waterleiding zijn dan wel verwant met de ambtenaren, maar als het woord of de job van ambtenaar een negatieve bijklank zou oproepen, dan was dat alles behalve zo voor Marcel. Zijn taak van controleur der werken, later hoofdcontroleur en technisch inspecteur deed hij vakbekwaam en volgens de regels van de kunst. Hij was technisch zeer onderlegd. Nog herinner ik me hoe hij meehielp bij de aanleg van de waterleiding in Denderhoutem in het begin van de jaren zestig toen ik met de fiets naar t Zusterhuis naar school reed en hij langs de weg stond toe te zien dat alle leidingen juist en correct in de grond werden gelegd. Wist ik toen veel dat ik enkele jaren later zijn collega zou worden. Hij kende de aannemerswereld  van binnen en van buiten en werd door zijn medewerkers en door zijn oversten enorm gewaardeerd. Het was een eer om te mogen zeggen dat Marcel mijn kozijn was, de man van mijn nicht. Ik was zo fier op hem (ik gelijk voor iets op mijn moeder) en het was steeds plezant als ik hem in Brussel tegen kwam en wat babbelen kon over de familie, over het werk, over het leven, over van alles en nog wat.

En zo leerde ik zijn sociale bewogenheid kennen. Het derde kenmerk van Marcel. Een inzet voor algemene rechtvaardigheid, voor diegenen die minder geluk hadden in het leven. Door zijn actieve inzet voor de het syndicale gedachtengoed en sociale rechtvaardigheid binnen en buiten de waterleiding, de VMW leerde hij me nadenken. Syndicalisme, het was iets dat me vroeger totaal vreemd was. Niet direct expliciet en uitgesproken politiek, maar wel het leren combineren van het beste stuk uit elke ideologie dat gaf hij mij mee. Iedere mens heeft een stuk positief en een stuk negatief, net als iedere overtuiging of visie. De combinatie van zelfstandigheid en eigen verantwoordelijkheid, het zorgen voor eigen welvaart. De handen uit de mouwen steken, niet leven op kosten en ten koste van anderen. Diezelfde gedrevenheid gaf hij mee aan zijn zonen Dirk en Marc. Marc werd op zijn beurt ook een watercollega en Dirk zet het rechtvaardigheids - en  eerlijkheidsgevoel om in politieke acties. En ik citeer uit het boek van de straffe madammen, dat ge zeker eens moet lezen, waarin zoon Dirk over zijn moeder vertelt en waarin gezegd wordt dat hen werd geleerd ” tegen onrecht kan en moet iets gedaan worden”.

 En dan mijn vierde punt: mijn broer William. Marcel had een heel sterke band met William. Ontroerend hoe Marcel omging met William. Hoe bezorgd hij om hem was. Ik heb het vijftig jaar lang niet anders geweten. Hoe hij bij iedere gelegenheid vroeg “ en hoe is het met onze William?” En vooral toen William nog klein was plagend aan William vroeg “ en hebt ge al foksebollen?” en William zo fier en gelukkig om die aandacht van Marcel. Het typeert weer Marcel hoe hij sociaal voelend was, hoe hij omging met mensen die in het leven minder kansen hebben gekregen.

 Zo beste Lucienne, Dirk, Marc, dat was een klein beetje over hoe en wat Marcel was. Ik heb in mijn leven al een heel stukje van de grote wereld gezien en vele volkeren en ideeën tegengekomen. Maar het meest merkwaardige toch was bij een volksstam in Indonesië. Daar is de belangrijkste dag de dag van hun begrafenis. Dan immers blijkt hoe belangrijk iemand  is en was. Niet alleen in die zin van hoe meer genodigden en hoe groter het feest hoe belangrijker, maar vooral wat heeft hij betekend? Een beetje zoals bij ons het idee van het laatste oordeel. Wel ik kan enkel zeggen met diepe overtuiging: Marcel was een goed mens, een rechtvaardig mens, een belangrijk mens. Door hem is de wereld, niet alleen zijn gezin en familie, maar de gehele wereld een stukje beter en gelukkiger geworden. Laat die gedachte ons troost brengen en ons helpen zijn goedheid verder uit te dragen.

 

                                                                          

Geraardsbergen, 20/02/2010

 

Nera Redant