Afscheidsgedicht reis Vietnam-Cambodia

 

                  

        

 

 

Beste vrienden allemaal,

 

Hier zijn we dan op ons laatste gezamelijk avondmaal.

Het was eventjes verschieten

want door het plotse gieten

verdwenen zomaar alle flikkerlichtjes uit de bomen.

Nu kunnen we er enkel nog van dromen.

Dus tijd

voor de realiteit

ook al was er mooie dans en muziek

vol oosterse romantiek.

Het reizen is gedaan

straks zullen w’op Vlaamse bodem staan.

We hebben vele dingen meegemaakt

kreten van verwondering geslaakt.

Ziehier een klein overzicht

in de vorm van een rommelgedicht.

Deze prachtige reis

begon in Parijs

o, neen in Brussel, in de Midi

Ja, ja, qui, qui.

Van het vroege vertrek waren velen nog moe

ze deden dan ook een oogje toe.

Reizen met de TGV

valt op die wijze wel mee.

Na één uur supersnel rijden

langs vlakke velden en weiden

en rijtje schuiven aan de check-in

mochten we de blauwe Vietnamese vlieger in.

Na het landen in Saigon bleef onze groep helemaal alleen

niemand, niemand om ons heen.

We werden plots mensen zonder papieren

neen, dat kon ons echt niet plezieren.

Als echte mollen kropen de ondergrondse tunnel door.

Waren een en al gehoor

toen de gids ons de body-traps toonde.

Een museumbezoek dat echt de moeite loonde.

 

 

Op zondag naar de kerk en het postkantoor

en dan met de bus er verder van door.

Het presidentieel paleis was prachtig groot

toch werd ook hier gemoord.

We zagen de gevolgen van oorlog en geweld

en hoe ieder volk vereert zijn held.

Tot mijn grote consternatie

werden we zonder veel explicatie

een lakbedrijf annex winkel ingedreven.

Maar we zijn niet lang gebleven.

Uit eierschelpen werden daar kunstwerkjes gemaakt.

En het eten achteraf heeft ons goed gesmaakt.

Waar we gingen langs Vietnamese of Cambodiaanse wegen

overal kwamen we Boeddha’s en tempels tegen.

Op een medicijnenmarkt kocht ik een dode gekko

en verbrandde Monique haar been aan een moto

maar met zalf en wat pilletjes erbij

was de miserie snel voorbij.

Op een overdekte markt vol kramen

kwamen we na veel gekoop weer samen.

“So ladies en gentlemen, are you listening

this is really, really interesting”

zo begon onze gids keer op keer.

Bij goed of bij slecht weer

het was steeds “Follow me, follow me”

net een bende kleuters op expeditie.

Op de markt in Can Tho verkochten ze exotische bloemen

en 1001 dingen, teveel om op te noemen.

De Franse keuken in Victoria hotel was superlekker

helaas, om zes uur wéér die wekker.

In het bootje in Bang Lang

waren we eventjes, neen, waren we lang bang

want ons mini-bootje wiebelde op en neer

en de regen viel bij bakken neer.

We kregen een regenjas in alle kleuren van de regenboog

zo bleven we min of meer een beetje droog

en de vijf dollars voor het vogelreservaat

waren uiteindelijk hun geld waard.

Nam leerde ons het Vietnamese alfabet.

Het zingen van ma-ma-ma-ma gaf ons veel pret.

We leerden vloeibare Viagra maken

slangen, gekko’s, zeepaardjes, dat moet echt smaken.

We bewonderden Vietnamese schilderijen op hout

en schitterende Boeddha’s vol goud.

 

 

Tussen al die goden, streng en zonder gratie

slechts één godin, een mis-interpretatie.

Doorheen alle tijden en culturen

-en het blijft maar duren-

wordt het vrouwelijk element ofwel supervereerd of -beschermd

ofwel structureel geminacht of miskend.

We kochten mooie sjaals bij de islamieten

En opnieuw begon het te gieten

donder en bliksem in de nacht.

Toch sliepen de meesten heel zacht.

Op de speedboot naar Cambodia met pak en zak

zes uur lang op ons gemak.

Aan de Vietnamese grens werden onze valiezen gecontroleerd

Aan de Cambodiaanse grens werden wijzelf met een controle vereerd.

Na tweemaal tekenen op bevel

verliep alles goed en wel.

De toegangspapieren van ons allemaal

waren dik ok en superlegaal.

We bezochten het koninklijk paleis bedekt met goud langs alle kanten

en zagen een Boeddha vol diamanten.

Na zes dagen kregen we zeven reisgenoten bij

wat waren we toen allen blij.

We bestudeerden de misdaden van Pol Pot

voelden ons daarna vreselijk rot.

In Phnom Penh zong de gids een afscheidslied

mooi, al verstonden wij het niet.

We leerden eten zonder messen

aten vreemde vruchten en bessen

en verschrikkelijk lekkere bananen.
We reden langs even verschrikkelijke banen.

Met heel veel swung

vertrokken we naar Banglung.

Plots een diepe put vol modder en slijk

hop, we zaten vast met de vier wielen tegelijk.

De put werd met zand toegedaan

en we konden weer verder gaan.

Bij een Engelsman op een plein

aten we koude schotel met tonijn.

Wij hebben twee kiekens doodgereden

gelukkig hebben ze niet veel geleden

Ook voor een hond ging het bijna verkeerd

gelukkig heeft hij zich tijdig weergekeerd.

We zagen buffels en varkens in de modder stoeien

en overal witte, zwarte en bruine koeien.

 

 

Om onze blonde haren

werden we bekeken alsof we vreemde wezens waren.

Toen de avond was neergekomen

verdwenen de dames tussen de bomen

om, voorzien van plaatselijk licht

te zorgen voor een daling van hun gewicht.

Ze zegenden het plaatselijke gras

door het creëren een waterplas.

Van het lange rijden werden velen moe

ze deden een oogje toe.

Stilaan verschenen de sterren aan het firmament

en ikke content!

We bezochten de dorpjes van enkele minderheden

die leefden zoals wij eeuwen geleden.

In de bus vlogen we steeds heen en weer.
en we wandelden rond een vulkanisch meer.

Het oplossen van de quiz bezorgde ons veel amusement

en met de T-shirt was elkeen zeer content.

Al was het zware intellectuele arbeid

het werd een spannende wedstrijd

met vele rode kussen op papier

en sommige mannenbenen naakt als een pier.

Met jeeps reden langs diepe modderwegen

trotseerden zon, bliksem, regen.

De houten levensgrote beelden op het kerkhof

waren supermooi en tof.

Eenmaal en in één keer deden we 375 trappen.

Natuurlijk moesten we naar adem happen

en werden we daarvan moe

maar als beloning lachte Boeddha ons toe.

De dolfijnen speelden verstoppertje met ons

een, twee, drie, plons

om eventjes later

te verschijnen aan de andere kant van het water.

De frieten van een Engelsman, avonturier van in zijn jeugd

deden ons heel veel deugd.

We dienden wel twee uur te wachten

maar het bier en de babbel hielpen de pijn verzachten.

In het hotel van de minste kwaliteit

kregen we toch nog een lekker ontbijt.

Op een middag in een wegrestaurant

schoven we alle glazen langs de kant

speelden luidruchtig en met veel plezier

met het dekseltje van een flesje bier.

 

 

En dan het Japanse restaurant

helemaal niet mijnen tand

het gestoomde ei

was ei, ei, ei...

Gisteren had onze gids een vreselijk accent

wij helemaal niet content

vandaag kregen we een nieuwe gids

en alles was weer kits.

Door de toevloed van Chinezen

was het bij ‘t ontbijt rijtje schuiven voor het eten.

We liepen veel in de regen

maar met de gekregen paraplu’s konden we er tegen

zo bezochten we Angkor Tom en Angkor Wat

en werden maar een beetje nat.

We werden gesplitst in rood en blauw.

Enkelen bleven hun groep niet trouw

ze kwamen in de andere groep terecht

maar we vonden dat niet erg of niet slecht

de gids, hij lachte onverstoord joviaal

zijn organisatietalent bleef minimaal.

Met onze gekregen T-shirt en chapeau

waren we allen très beau

zo mochten we op de groepsfoto prijken

en velen kwamen naar ons kijken.

 

Zo, vrienden allemaal

dit is het einde van mijn verhaal

morgen is de reis gedaan

moeten, mogen we naar huis toegaan.

Een laatste keer lekker njam, njam

Vaarwel Cambodia,Vietnam.

Ik weet niet goed

hoe ik jullie allen en zeker de organisatoren, danken moet.

Daarom gewoon: DANK U ZEER

En hopelijk tot een volgende keer!

 

 

PS

Omdat het feestelijke eten me zo lekker heeft gesmaakt

heb ik nog wat versjes bijgemaakt.

Is daarenboven een aangenaam amusement

als je twaalf uur lang in een vliegtuig zit geklemd.

Weet je, mijn hartje ging wat sneller slaan

toen ik gisterenavond die mooie dansgroep op het podium zag staan.

 

 

Ik genoot van hun geheimzinnige danscultuur,

hun muziek, zachte passie van ingehouden vuur.

In de feeërieke feestzaal

vol schitterende pracht en praal

voelde ik me een gelukkige koningin

neen, een superbevoorrechte keizerin.

Maar tezelfdertijd rees de vraag

als een baksteen in mijn maag

“waarom ik en niet die miljoenen anderen?”

Daarom: niet stoppen met helpen veranderen.

O, ik ben nog een voorvalletje vergeten,

normaal, je kunt niet alles blijven weten.

Een stoere bink met Kortrijksaanse achtergrond

raakte in Angkor onzacht de grond.

Zo kreeg zijn rechtervoet alle kleuren van de regenboog

even mooi als de paraplu op zijn hoofd heel hoog.

De Angkorfanaten onder ons bleven maar doorgaan

met drie extra tempels vulden zij hun bezoeklijstje aan.

En terwijl ons toeristenbootje wiebelde op en neer

op het grootste Cambodiaanse binnenmeer

zagen we hoe Vietnamese illegalen op hun schamele boten

verder werkten, onverstoord en onverdroten.

Er was ook een onderwaterkooi vol krokodillen

met vreselijke tanden om bij te rillen.

Ooit een drijvend varkenshok gezien of een viskwekerij

of wel duizenden scooters vooruitsnellend zij aan zij?

Wel dat allemaal zagen wij.

Duizend en één  beelden blijven door mijn hoofd rennen.

Maar vooraleer we Vietnam en Cambodia echt begrijpen en kennen

zal er nog veel water door de Mekong moeten stromen

zullen we nog vele malen moeten wederkomen.

Daarom, laat ons ongebreideld dromen...

 

 

 

Vietnam-Cambodja

17 oktober-1 november 2008

 

Siem Riep, 31 oktober 2008

 

Nera Redant